Wij nu gevangen, en toch vrij ik niet bij jou, jij niet bij mij
Ze zeggen
Een goed gesprek, een luist’rend oor nieuwe dingen om te leren
Wat weten we nu
Weten jullie nog, hoe het toen was wat herinn’ren w’ ons er van
Warmte voelen
Kreeg ik het geschenk u te geven, te wensen een knip met mijn vingers, en het was weer gewoon.
Nog een rondje
In acht genomen afstand, een onbekende vijand.
Tijden van lijden
De gesloten deur weer open toen de spijkers, ‘t hout doorkliefden
Geen tuinman
Zoals verteld, en opgeschreven is het daar niet bij gebleven
De goede boodschap
Alleen proberen, met elkaar te zijn, nu van veraf
Blijf maar sterk
Wanneer de bedden zijn bezet, verpleging op hun tenen loopt. De zorg het nauwelijks nog redt, op een wonder wordt gehoopt.
Respect en lof
Een patiënt het ziekenhuis binnengereden beademd, verzorgd, de strijd wordt gestreden De artsen, de zusters en broeders staan daar maar de volgende zieke ligt alweer klaar