Bedankbare gesprekken

Volmondig kan ik hier alleen maar erkennen dat het een besproken week is geweest.  Een week waarin ik best wel veel gesprekjes heb mogen voeren.  Nu is dat een vermaak waar ik mij vaak aan te buiten ga, het is nou eenmaal zo dat ik er een waar genoegen in schep met anderen een praatje te maken.  Het uitwisselen van meningen en het even bijpraten over diverse, in de afgelopen tijd voorgevallen, zaken.  Echt in details zal ik hier niet gaan, maar het waren gesprekken met de huisarts, mijn goede vriend Wim, Hennie van Lentis, mijn schoonzoon Elwin, de zeer meelevende Lucas van de Arbo, mijn vertrouwde therapeut Kees en mijn jarenlange fijne vriendin Mannie.

Dat waren stuk voor stuk enerverende onderhoudjes, als in kalm converseren en wat bijpraten.  Door meerderen van dit genoemde rijtje word ik beschouwd als iemand met een zeer positieve instelling.  Een persoon die te snel door wil en eigenlijk niet aangespoord hoeft te worden om het leven op te pakken, maar steeds afgeremd dient te worden.  Zelf kijk ik daar als vanzelfsprekend geheel anders tegenaan, ik heb van mijzelf meer de indruk dat ik me aanstel.  Dit schijnt er van één kant bij te horen, en dan doelt men vooral op het niet goed inzien waar ik vandaan kom, waar ik ben en waar ik naar toe ga.  Dan laat ik het daarvoor toegepaste tempo nog even rusten, het is de gedrevenheid.

En dat is nou net waar het voor een groot gedeelte door ontstaan is, niet de tumor in mijn prostaat die is in geheel eigen tempo zijn gang gegaan.  Ik noem deze vergroeïng een hem aangezien ik me niet kan voorstellen dat het hier om een haar zou kunnen gaan.  Wat zou een zij trouwens in mijn prostaat te zoeken hebben, daar waren voor een haar vast veel intrigerendere stukjes aan mijn lichaam te ontdekken.  Ook hier zal ik weer niet verder in details treden, dat staat als een paal boven water.  Een paal die nu helaas kopje onder gaat, het hoofd wat laten hangen.

Ik had, zoals al in een eerder stukje verwoord, ook een paar van deze berichten op Kanker.nl geplaatst.  Inmiddels is dat alweer achter mij, maar heel af en toe lees ik nog eens wat blogs daar.  Over het algemeen is de tendens dat het veelal gaat in mineur stemming.  En laat ik er meteen van zeggen, dat ik dat heel begrijpelijk vind.  Het gegeven dat iemand te stellen krijgt met een zeer ingrijpende verandering in zijn of haar leven of dat van naasten, dan is het een te verwachten reactie dat er alleen maar gedacht kan worden aan hoe zwaar en pijnlijk dit is.  En dan ook vooral de onverwachte zaken en de onpeilbare onzekerheid.

Bij de huisarts zag ik vrijdag weer de poster hangen met de confronterende tekst, “ Kanker doet meer met je dan je denkt “.  Ik heb nu al heel wat gesproken met anderen over aan dit onderwerp gerelateerde aangelegenheden.  Niet dat ik me nou in die positie geplaatst heb dat ik er alles van weet, toch mag ik inmiddels wel annonceren dat ik enige ervaring heb opgedaan.  Het is inderdaad zo dat er heel wat meer bij komt te kijken, en dan vooral het er na.  Nadat het meest ernstige geweest is gaat een leven verder, niet het oude vertrouwde maar wel zoals het voortaan zal zijn.  Bij de overgrote meerderheid van de meelevenden komt dit niet ter sprake, dat is heel kort door de bocht genomen niet meer zo interessant.

Ten overvloede wil ik hier weer verhelderen dat ik niet zeker weet wat mij nu het meeste bezighoudt.  De kanker of de neerslachtigheid, expres neem ik hier niet de woorden burnout of depressie in de mond.  Dat is te groot, ik voel het als iets ongrijpbaars, en dan moet het haast wel klein zijn.  Aan de andere kant zou het ook zo kunnen zijn dat het veel te groot is.  Iets zoals bij een klein hondje die geen grote bal kan pakken, zijn bekje wil niet ver genoeg open.  Zelf heeft zo’n beestje dat vaak niet door, het blijft maar proberen de bal op te pakken tussen zijn tandjes en steeds rolt het begeerde object verder van ze af.  Dat was ook de strekking van de diverse gesprekjes die ik mocht hebben met de deskundigen.  Mijn gedrevenheid staat mij in de weg, ik wil teveel in een te kort tijdsbestek.

De arbo arts was al tot de conclussie gekomen dat ik, waarschijnlijk door zowel de lichamelijke klap die ik heb gehad als de geestelijk die ik al heel lang zelf heb lopen opbouwen, een terugkeer naar mijn oude job als onmogelijk kan worden beschouwd.  En diep in mijn hart weet ik dat hij waarschijnlijk gelijk heeft, hij was dan wel weer zo positief om mij onomwonden helder te maken dat het met mij absoluut goed gaat komen.  Dat is ook het oordeel van de andere professionele kenners waar ik in de afgelopen dagen mee heb mogen van woorden wisselen.  Daar kan ik ze alleen maar dankbaar voor zijn, ook en vooral mijn grootste hulp die daar hoog boven mij troont.

Wie ben ik om van anderen zulke opbeurende berichten te mogen ontvangen, daar word ik klein van.  Klein en groot tegelijk, het komt allemaal weer goed.  Voor alle meelevende anderen van wie ik hier niet de naam heb genoemd, bedankt.

Om een stukje mindfulness erbij te gebruiken, diep vanuit mijn tenen, bedankt allemaal.

Advertenties

Ons prinsesje, rust en hoe computers werken

Wat is er geruststellender dan even in de koelte, met je eigen kleindochter op de arm onderuit gezakt op de bank zitten.  Nu zat ik niet op de bank maar een stoel, maar verder is er geen woord gelogen.  Dat zijn momenten die altijd te kort zijn, zo’n klein mensenkindje dat daar kalmpjes tegen jou aan ligt en in puur vertrouwen met gesloten oogjes slaapt.  In dat kleine hummeltje zitten, naar alle waarschijnlijkheid, ook een paar van mijn genen.  Nee, ik weet nog niet welke maar ik hoop op een paar goeie.

Op dat ogenblik ben ik een toonbeeld van mindfullness, dan is er werkelijk niets anders.  Meteen daarna begint het weer te draaien in mijn eigen koppie.  Nee, ik maak me geen zorgen.  Als we het hier dan hebben over menselijke zorgen, het is goed zo.  Het moet goed zijn zo, dat kan niet anders.  Er zijn wat vrienden en kennissen om mij heen die mij al eerder hadden toevertrouwd, dat wanneer de kleindochter er was dat ik er dan echt van zou gaan genieten.  Ergens doe ik dat ook, echt het is de allermooiste baby die ik de laatste jaren heb gezien.  Ik moet hier uitkijken niet ver de grens van twintig jaar te gaan, toen was Jiska nog een baby en dat was natuurlijk de allermooiste en drie jaar daar voor Wenri, mijn oudste.  Dus ik heb, om het even helder op een rijtje te zetten, drie allermooiste babietjes mogen zien.  Hierbij ook meteen mijn oprechte excuses voor al die andere lieve kleine schatjes die ook ooit eens allemaal pasgeboren zijn geweest.  Hierbij gebruik ik dus ook bewust de term “ Lieve “,  dit om verdere misverstanden meteen de kop in te drukken.

Twee dagen heb ik dus nodig gehad om weer bij te komen, nodig gehad om weer wat energie bijeen te sprokkelen.  Ook bij mijn bezoekje aan de huisarts maandagmorgen, werd daar nog even subtiel op gewezen.  Nou ja, subtiel, hij heeft het mij slechts vier of vijf keer duidelijk verwoord.  Er is, zoals hij het glashelder formuleerde, maar eentje die mij steeds dwarzit danwel tot het uiterste drijft.  Vult u zelf maar in.  Het was gewoon zaak ten eerste de hoogte van de lat aan te geven, en ten tweede daar aan te houden.  En met de hoogte van de lat refereerde hij nog naar het feit dat vier kruiwagens met snoeiafval verplaatsen, twee of misschien wel drie teveel was voor iemand die zich in mijn positie bevindt.

Punt één, wat ik ook doe het is voor mijn gevoel nooit voldoende er kon altijd meer bij.  En ten tweede, op het moment dat ik teveel had gevergd van mijn nog lang niet op orde zijnde lichaam en geest, dat ik dan ook weer een teleurstelling had te verwerken.  Dus twee voor de prijs van één, zoals het volgens mijn jongste dochter ook bij de Hema gesteld was met de luierbroekjes.  Al ging het daar om, drie voor de prijs van twee.  Het kan trouwens ook gegaan zijn om overtrekhoezen voor voedingskussens, in mijn herinnering kwamen ze daar mee naar huis.

Helaas werkt mijn korte termijn geheugen nog een beetje als een oude Commodore 64 of zo’n oerdegelijke IBM computer.  Te weinig capaciteit qua interne opslag met betrekking tot het geheugen.  Dhr. Schut, mijn betrokken huisarts, noemde het ook in bewoordingen die computergerelateerd waren.  “ Je hebt teveel programma’s te gelijk in je hoofd draaien “.  Ik mag dat wel, van die ongecompliceerde beeldspraken die niets aan de verbeelding overlaten.  De rest van de dag ben ik het meest van de tijd in de directe nabijheid van Nina, ons jonge prinsesje, geweest.

Er was een afvoer bij de wastafel in hun badkamer gescheurd, en toen was het kastje wat er onder stond bevochtigd door het lekkende afvoerwater.  Niks ernstigs hooguit wat vervelend het is, of misschien toepasselijker het was, zo’n zelfbouw product van de Zweedse firma die bij alles wat zij aan de man willen brengen als minimaal eis stellen dat het in een platte doos moet passen.  De afvoerslang had een diameter van ongeveer tweeëndertig millimeter, ik heb dit niet gemeten het is een aannemelijke gok waarbij ik uitga van een standaardmaat.  Enkel ging het geheel over in een platte aansluiting bij de plaats waar het verbonden moest worden aan de wasbak.

De dichtstbijzijnde bouwmarkt daar in de buurt is Formido, dus op mijn slippers niet mijn stoute schoenen, heb ik daar een aantal malen het pad doorgelopen met het gehele uitgestalde assortiment afvoermateriaal.  Dat is een hele hoop kan ik u mededelen, zelfs de maat slang was op een grote rol aanwezig.  Ik heb iets gedaan wat ik alleen in uiterste noodgevallen doe, ik heb daar om hulp gevraagd.  En met wat eigen invulling, door het gewoon afsluiten van de afvoer onder aan de wasbak met een rubber ring, die de behulpzame medewerker mij kosteloos ter hand stelde, en een klein rond stukje plastic in de aansluitschroef heb ik de zaak weer zo terug kunnen brengen dat het afvoerwater aan de binnenkant van de buizen bleef.

Zo eenvoudig kan het soms zijn, is het er niet meer, dan doen we het gewoon zonder.  Misschien ook wel wat voor mijzelf, kan ik het niet meer, dan laten we het gewoon er bij.  En laten we wel zijn, iedereen kan in het latere leven wat minder.  Het verschil is dat er normaal gesproken enkele jaren voor gebruikt worden, bij mij dus enkele weken.  Toch weer die winnaarsmentaliteit, ik wil weer de beste /snelste zijn.

Een herinnering, een geboorte en een weg banen

Toen mijn tweede dochtertje geboren was ben ik vanuit het ziekenhuis, waar de bevalling zich had afgespeeld, met mijn oudste dochter van drie bij de toenmalige Fred van de Werf, een grootgrutter in Winschoten, drie rollen beschuit en twee doojes muisjes broodbeleg wezen kopen.  Roze muisje wel te verstaan aangezien het om het eerste levenslicht van een jong dametje ging.  Aangezien wij altijd vrijdags de boodschappen deden had ik verder geen artikelen uit de schappen meegenomen deze waren er immers al.  Derhalve werd de lopende band bij de kassa slechts gevuld met de eerder genoemde beschuiten en roze muisjes.

Een vrij logische opmerking van de bedienende cassiërre was dan ook, aan het adres van mijn terzijde staande dochtertje gericht, “ Oh wat leuk, heb jij een zusje gekregen ? ”  Verbaast keek zij, niet het winkelmeisje maar mijn oudste dochter, mij aan met een vragende blik op haar vrolijke gezichtje.  “ Hoe weet die mevrouw nou dat ik een zusje heb gekregen ? ”

Nu ik het mij weer voor de geest haal, na ruim éénentwintig jaar, zie ik nog het lachende gezicht van het meisje aan de andere zijde van de lopende band.  Kinderen weten nog niet alles, dat is een gelukkige tijd.  Zodra je dingen begint te weten, ga je ook verbanden leggen.  En als indirect gevolg dus ook onjuiste veronderstellingen daaruit op maken.  Dat laatste is eigenlijk niet relevant voor dit stukje, maar gezien mijn karakter, wijze van denken en eigen onnavolgbaarheid zal het vast door de vingers gezien worden.

Ja, onze kleindochter is geboren, Nina Mariette Elena zusje van Julietta die zij nooit zal leren kennen.  Het driejarige meisje met die vragende blik van toen is nu zelf mama geworden.  Steeds is er voor mij dat dubbele gevoel, van één kant de enorme blijdschap en dankbaarheid voor dit door Hem geschonken leven.  Geloof me het is het allermooiste geschenk wat maar te wensen is, zowel voor de ouders als voor de grootouders.  Aan de andere kant zijn er toch de verantwoordelijkheid en de ouderlijke alswel de grootouderlijke zorg.  Ja, het is een hartverwarmende blik dat kleine lieve gezichtje te mogen zien als het zo rustig in papa’s armen ligt te slapen.  Ook als haar heldere kijkertjes de, zich om haar jonge leventje heen bevindende, wereld in liggen te kijken.  Alles zo nieuw en alles zo ongelooflijk.

Van de tijd dat ik zelf zo klein was weet ik mij weinig te herinneren, toch vraag ik mij nu wel af of Nina doorheeft dat ze de warme buik van haar moeder heeft verwisseld voor een grote wereld.  Sommigen beschrijven het zelfs als, “ De grote boze wereld “.  Dat is niet wat ik mee zou willen geven aan een jong onbevooroordeeld mensenkindje.  Zolang er zulke mooie wonderen gebeuren als het krijgen van zo’n rijke zegen, dan is het nog steeds goed met de wereld.  Okee, voor de ongeoefende nog onervaren ouders kan het in het begin een paar slapeloze nachtjes opleveren.  Dat gezegd hebbende wil ik er direct aan toevoegen dat als je dan toch niet slapen kunt je wel heel veel kunt kijken naar dat aangename bekoorlijke en oogverblindende prinsesje.  Dat kleine wondertje dat je leven nooit meer hetzelfde zal maken.

Met een onmisbare inzet van neef Jan hebben we de coniferenheg langs onze tuin een halve meter minder hoog gemaakt, zo’n kleine vijfendertig meter groene muur ook aan beide zijde weer wat versmald.  Eerlijkheidshalve moet ik hierbij vermelden dat ik slechts hetgene wat op de grond viel heb opgeruimd, het echt snoeiwerk kwam voor de rekening van Jan.  En met een motor heggenschaar is dat best een topprestatie te noemen, vooral als de gemeten buitentemperatuur ruim de zesentwintig aantikt.  Dan komt er wel een hoop vocht los in de vorm van zweet, waar dan één handdoek eigenlijk te weinig voor is.

De buitenzijde kon ik eenvoudig bereiken met de zitmaaier, waar ik in dit geval de aanhanger had aangekoppeld.  Dat was nog wel te doen, de binnenzijde werd een geheel andere kwestie.  De heg staat als afscheiding van de onverharde weg naast onze grond en de tuin die de naam draagt, “ Jardin de Julietta “,  een ruim honderdvijftig vierkante meter tellende hof die indertijd bepland is met nog vrij kleine rodondendrons en een aantal sprieterige boompjes.  Dat was ruim twaalf jaar geleden, inmiddels is het, om het wat beeldend uit te drukken, een wat dichtgegroeid paradijs.  In eerste instantie was het ook zaak wat ruimte te creëren om überhaupt de te kortwieken coniferenhaag te kunnen bereiken.

Ik weet niet of u wel eens van die films gezien hebt waar Rambo-achtige figuren zich met een kapmes een doorgang vormen in een dichtbegroeid oerwoud.  Zover wil ik dan niet gaan, maar om met een kruiwagen tot heel dicht bij het afgesnedene te geraken was wel naast enige manouvreerkunst een snoeischaar een onmisbaar artikel.  Vier kruiwagens heb ik klaargespeeld, daarna was het gewoon op.  Er ligt nog zeker voor ruim acht, maar dat was niet meer op te brengen.  Volgende week maar weer wat proberen, ik heb er gewoon niet de kracht voor door te zetten.

Ook vandaag weer ontzettend moe, maar zo heel af en toe lukt het mij gelukkig te zijn.  Al zijn dat vaak korte momenten, tot het weer begint te malen in mijn hoofd.  Zo tracht ik mij een weg te banen. Tot later allemaal.

Afgesloten en besluiten

Hoe lang is het nu geleden dat wij, Gea en ik, voor een weekendje weg waren.  Dit keer heb ik het niet over ons uitje naar het opgebroken Gent.  Enige uitleg ben ik mijn lezers nu wel verschuldigd.  Tot twee keer toe zijn wij in een hotel in het Belgische Gent geweest, tot twee keer toe een weekendje er lekker tussen uit.  Er zat iets van twee jaar tussen deze uitjes, maar in beide gevallen waren ze in het centrum met werkzaamheden bezig.  Vooral rondom het station lag de hele zaak open, de eerste keer was het voor ons een wat onaangename ervaring.  De tweede keer ronduit een tegenvaller, vooral ook omdat we er een beetje van uit waren gegaan dat zelfs voor Belgische begrippen het toch zo langzamerhand wel afgerond zou zijn.  Niet dus, ze nemen er de tijd voor, misschien wel een gebruikelijk iets.  Per slot van rekening blijven onze zuiderburen levensgenieters.

En daar is van één kant alle begrip voor op te brengen, behalve dan als je voor de rust een paar dagen door een oud stadje wilt wandelen.  Stadje is dan ook in dit geval niet helemaal de juiste benaming.  Deventer dat zou ik eerder die titel geven, daar zijn we in die meerdere keren dat we er zijn geweest nooit verrast door enige onaangename werkzaamheden zoals daar zijn, afsluitingen en wegopbrekingen, versperringen door tijdelijke hekwerken en diverse omleidingen.  Eerlijkheidshalve moet ik hier wel aan toevoegen, dat wij met deze vorm van bezwarende omstandigheden in vrij weinig plaatsen waar wij wel eens zijn geweest onplezierig geconfronteerd.  Misschien dat we er nog eens een kijkje gaan nemen daar in Gent, wie weet is de bedrijvigheid aangaande het plaveisel daar inmiddels afgerond.  Zo van, zand erover, wat gebeurd is is gebeurd en verder geen aandacht aan besteden.

In mijn herinneringen komen altijd de warme aangelegenheden boven drijven, ook van de laatste keer dat wij dus met ons tweetjes op stap waren.  Een onbezorgde tijd, ik durf dat nu wel ronduit te verwoorden, onbezorgd.  En toch als ik nu terugdenk aan die dagen, liep ik met zorgen.  Zorgen van totaal andere aard.  Ik was, zoals al veel te vaak en veel te lang, in mijn hoofd met mijn werk bezig.  Hoe vaak me dit in mijn leven al is gebeurd, dat valt niet te tellen op de vingers van één hand laat staan twee.  Hoe lang al heb ik mijn privéleven zo laten verzieken door mijn dagelijkse werkgerelateerde kommer en kwel.  En sterker nog, wat heeft het mij nou eigenlijk opgeleverd ?  Nu gaan alle dagen over in weer een dag, of het nu om Koningsdag gaat, Bevrijdingsdag, de Christelijke feestdagen zoals daar zijn de Paasdagen, Hemelvaart en Pinksteren, alswel de gezamelijke uitjes.

Niets om echt naar uit te zien, niets om echt op terug te kijken.  Geloof mij, ik beleef het allemaal met veel genoegen.  En toch is er daarna weer de tijd dat ik er alleen voor sta, er alleen mee zit.  Het is voor mij allemaal zo betrekkelijk, ligt dat nou aan mij of aan de tijd waarin ik mijn leven probeer wat zin te geven ?  Steeds hoor ik dan weer om mij heen, “ Het komt wel weer terug, het heeft gewoon tijd nodig “.  Maar over hoeveel tijd hebben we het dan hier ?  De weeën zijn lichtjes begonnen, de vliezen zijn gebroken nu het wachten op de ontknopping.  Misschien vanavond, misschien vannacht, wie zal het zeggen.  Zodra de toekomst de naam verleden in bezit neemt is alles wat nu nog onbekend en gevoelsmatig ver weg is, oud nieuws.

Ze vragen nu wel eens aan mij, of mijn naaste gezellen, hoe het gaat.  Eerlijk gezegd weet ik dat echt niet, ook niet hoe het wordt.  Ik kan hooguit enig uitsluitsel geven van hoe het was.  En zelfs dat kan ik soms niet meer met zekerheid zeggen.  Misschien toch een goed idee een paar maanden geleden, om het allemaal wat bij te houden.  Ook heb ik inmiddels de eerste hier verschenen stukjes op Kanker.nl geplaatst, maar dat voelt toch een beetje verkeerd.  Daar ga ik toch maar een punt achter zetten, de meeste verhalen die daar geplaatst worden hebben betrekking op het heden.  Zij die daar hun blogs ten toon spreiden, zitten er nog middenin.  En ik . . . ach misschien ben ik dat punt allang gepasseerd, dat punt van er middenin zitten.

Voor mij voelt het als een beetje liegen, zeggen dat morgen iets staat te gebeuren wat al ruim drie maanden geleden is.  De klachten, klachtjes, waar ik nog mee te kampen heb zullen misschien nog wel wat slijten.  En anders maar niet, dan zal het wel wennen worden.  Er blijven altijd de herinneringen aan goede tijden, zoals eens een weekendje Gent.  Daar heb ik voor het eerst kennis mogen maken met een overheerlijke Westmalle, vooral als je ontspannen bent een verrukkelijk speciaalbiertje.

En straks als onze kleindochter er is, zal ik er samen met de kersverse vader, eentje ( of misschien wel twee ) op drinken.  Net als kinderen, worden er soms ook mooie tradities geboren.  Dat hebben we voor een groot deel zelf in de hand, het is een kwestie van genieten en kalm aan afwachten.

Hoop en vermoeidheid

Hoe zit dat eigenlijk met vermoeidheid, is dat ook iets wat er bij hoort of is het gewoon een gebrek aan conditie ?  Eerst dacht ik, en misschien wilde ik dat ook wel denken, dat het iets van tijdelijke aard was.  Zoals al meerdere malen door mij verteld ging het eerst om teveel doorzetten met van alles en nog wat waardoor een overspanning volgde, of iets wat daar voor in aanmerking komt.  Waardoor mijn toch al wat te drukke leventje nog een extra lading kreeg.  Zij het dan een vrachtje om mij te waarschuwen het wat kalmer aan te doen, waar ik van nature geen aanleg voor heb maar daar wordt helaas niet naar gevraagd.  Daarna de hele geschiedenis met alles wat ik al verteld heb over de verziekte prostaat die ik nog regelmatig mis, en dan kom je stil te zitten.  Van elke dag bezig zijn, veel betrekkelijk zwaar werk, vrij veel lopen, steeds in beweging, en dan ineens stil worden gezet.

Heel bewust kies ik hier deze woorden, stil worden gezet.  Daar moet naar mijn vaste overtuiging een reden voor zijn.  Al vaker ben ik met deze of gene, meestal deze af en toe gene, de discussie aangegaan over dingen die gebeuren.  Discussie is in dit geval misschien niet helemaal het juiste woord.  “ Een discussie is een vorm van bespreking, zoals een gesprek of andere vorm van communicatie, tussen twee of meer partijen over een bepaald onderwerp, waarbij de partijen elkaar van een bepaald standpunt proberen te overtuigen “.  Aldus de betekenis van het begrip.  En het is ook nog nooit mijn bedoeling geweest anderen van mijn mening te overtuigen, het enige wat ik altijd zal blijven doen is mijn kijk op de zaak te verhelderen.  Wat mij betreft heeft iedereen recht op zijn eigen mening, zolang die maar niet opgedrongen wordt bij anderen.

Waar ik met veel genoegen vaak over van gedachten heb gewisseld is de reden waarom dingen gebeuren.  Ja, ik ben mij zeer bewust van het feit dat er zeer velen zijn die zich hier absoluut niet mee bezig houden.  Deze groep loopt ook het minste risico op geestelijke aftakeling of mooier gezegd, minder kans op depressieve onaangenaamheden waar maar lastig van af te komen is in het ergste geval nooit meer.

Laatst had ik het er met iemand over, dat het misschien wel net zo iets is als met een allergie.  Jarenlang wordt je blootgesteld aan een hoeveelheid stof, in mijn geval, graspollen of huisstof of hooistof of katteharen of hondeharen of vogelveren, en al die tijd is er geen enkele reactie van je lichaam.  Tot opeens de hoeveelheid van deze materies een net even hoge dosering aanneemt, dan ineens komt de contra actie van ons afweersysteem.  Vanaf dat moment zal er steeds gereageerd worden op zelfs de kleinste hoeveelheid van de stof waar we vanaf dat moment dus overgevoelig voor zijn.  Bij wijze van spreken zou iemand van dik in de tachtig ineens allergisch kunnen worden voor iets waar het hele leven al contact is geweest.

Zou ik mijn hele leven al een vorm van aanleg hebben gehad voor neerslachtigheid, dat het gewoon een kwestie van tijd was tot het mis zou gaan ?  Sommige lieden gaan fluitend door het leven, ogenschijnlijk geen tegenslagen of problemen.  Vaak gaat het dan om dezelfde groep die minder intens van zaken geniet, dat is in veel gevallen de tegenhanger.  Zonder mijn gevoel te hebben, zou ik ook niet in staat zijn verhalen en gedichten te scheppen.  Daarmee doelende op de wijze waarop ik schrijf, iedereen is in meer of mindere in staat woorden te uiten en zinnen te vormen dat lijkt me vrij gebruikelijk.  Het verschil zit er in, wat er wereldkundig wordt gemaakt.

Vermoeidheid, hetgene waar ik dit stukje mee begon.  Het is een soort vermoeidheid die ik niet eerder heb mogen ervaren, het zit dieper en gaat niet weg na een nachtje slapen.  Zou het om een geestelijke uitputting kunnen gaan ?  Jarenlang kon ik na een hele dag gewerkt te hebben lekker ‘s avonds, hetzij in de tuin hetzij in mijn schuur, nog even een paar uurtjes doorknoeien.  Nu word ik alleen al moe van de gedachte.  Volgens Gea zou het ook een vervelend gevolg kunnen zijn van de vier uur durende narcose, die gebruikt is om mij een tijdje stil te houden en tevens een situatie te creëren waarin ik geen pijn zou ondervinden bij het inbrengen van de robotarmen van de Davinci in mijn buik.  Dat zou pas pijnlijk geweest zijn, en vermoeiend.  Dat laatste hoop ik dan maar, al zal de pijn zeker wel de overhand hebben gevoerd.

Het valt niet altijd mee, maar als ik zo wat lees van anderen op diverse sites dan mag ik eigenlijk niet klagen.  Ach, als het niet anders wordt dan blijft het zo.  Het leven zit vol verrassingen, en daarna vol verassingen.  Zover wou ik het nog niet laten komen, zolang er leven is is er hoop.  Een hele hoop.

Soms een verwachting die uitkomt

Er is altijd de tijd, lees het moment, er voor en er na.  Er vóór is in veel, zo niet alle gevallen sprake van een zekere mate van onwetendheid.  Achteraf is het ons allen volledig helder.  Tenminste als we het hebben over hoe het zal gaan, of desgewenst gegaan is.  De diverse kenners van onderwerpen, sommige lieden dikwijls speciaal opgeleid voor deze tak van sport hun taak volbrengend bij organisaties als bijvoorbeeld het NIPO en in het verleden de onvergetelijke en veelal er net even naast zittende Jan Pelleboer, doen en deden nog wel eens een poging in die richting maar niet altijd met succes.

Neem nou het gegeven songfestival, daar zijn altijd de zogenaamde kenners, of althans daar willen ze voor doorgaan, die beweren te weten welk land hoog gaat scoren.  Bij opiniepeilers in de politiek zie je hetzelfde gebeuren.  Zij hebben een soort van basiskennis en ervaring ontwikkeld die hen heeft geleerd met het oog op vooraf beperkte informatie een uitkomst te voorspellen. ( die dan achteraf vaak net even anders uitpakt )  Bij alle voorstellingen die wij onszelf inbeelden blijft het grotendeels gaan om wat wij denken dat het gaat worden.  Het spreekwoord luidt nog steeds, “Als je niets verwacht, is alles veel “, en nog toepasselijker,  “ De wens is de vader van de gedachte “.

Er is ook een spreekwoord dat luidt, “ Het hinkend paard komt achteraan “.  Geen idee waarom ik dat hier schrijf, het slaat helemaal nergens op.  Maar het is wel een gezegde.  “ Angst is mar veur eben, spiet is veur altied “, Daniël Lohues heeft dat eens in een heerlijk nummer gezongen.  En dat is precies waar het om draait.  Als je iets niet doet, komt er ook geen dag er na.  Ja, die dag komt er wel maar niet nadat je iets gedaan hebt.  Mij overkomt het heel vaak dat ik ergens waar ik naar uit zie, wordt overschaduwd door wat er daarna dan komt.  De afgelopen paar maanden eigenlijk alleen maar.

Laat ik proberen het zo uit te leggen, steeds gooide ik in mijn leven een anker ver voor mij uit.  En dan, door middel van het inhalen van de ankerketting, trok ik mij daar naar toe.  Een verjaardag bijvoorbeeld, waar ik persoonlijk nooit zo gecharmeerd van ben.  Ik ben meer voor het één op één onderhoudend gesprekje met goede muziek op de draaitafel en een goed glas wijn.  Niet op de draaitafel zoals u kunt begrijpen maar gewoon op een viltje op de lage tafel.  Nu ben ik zover gekomen dat ik mijn anker te ver vooruit gooi, voorbij het mooie, het leuke, het aardige, zoals bijvoorbeeld een verjaardagsfeestje.

“ Is that all there is, is that all there is, if that’s all there is my friends, then let’s keep dancing, Let’s break out the booze and have a ball, if that’s all there is “, Peggy Lee zong dat eens, zo’n verhelderend nummer en het zegt precies waar het om gaat.  De werkelijkheid voldoet slechts in uitzonderlijke gevallen aan ons verwachtingspatroon.  Dat is dan tevens weer het mooie van het leven.  Het is zelfs de hoofdzakelijke reden voor velen om iets te doen.  De ene keer uit spontaniteit de andere keer omdat er toch een lichte vorm van dwang aanwezig is, en een heel enkele maal omdat we het lot willen tarten.  En telkens hebben we van te voren een beeld waarvan we hopen dat het een juiste weergave is.

Alle keuzes die ik ooit in mijn leven heb genomen zijn gebaseerd op bepaalde te verwachten uitkomsten.  Zo heb ik, geheel tegen de waarschuwing van mijn vrouw in, indertijd een oude kever gekocht.  Vierduizend gulden voor een bakje van het bouwjaar negentienhonderdvijfenzestig, meen ik mij te herinneren.  Bijna een jaartje in gereden toen heeft de motor van het bejaarde beestje de geest gegeven.  Heb er nog vijfhonderd gulden voor gekregen van iemand die er wel wat mee kon.  Achteraf heb ik gehoord, dat je voor hetzelfde geld in die tijd een nieuw motorblok kon verkrijgen.  Maar ik ben nou eenmaal geen automonteur die op een verloren zaterdag even een motor ombouwt, ik ben een houtman.  Waarom wilde ik persee dat karretje ?  Een jeugdliefde denk ik, mijn vader heeft veel Kevers gehad als leaseauto’s, hij was vertegenwoordiger en maakte veel kilometers.

Wij zijn als het ware geboren en getogen in een kever, zo gingen wij vrolijk met ons zevenen en nog twee koffers van Utrecht naar Enschede.  Daar woonde veel van onze familie, het was de geboorteplaats van mijn beide ouders.  Ik zat dan, samen met mijn één jaar oudere zus, in de kattenbak.  De plek waar nu de hoedenplank in menig auto is gesitueerd.  Was dat een veilige plek om te verblijven tijdens een lange rit op de snelweg ?  Met de kennis en inzicht van die tijd was dat vrij normaal.  Nooit is er van te voren van uit gegaan dat er wel eens iets heel ergs zou kunnen voorvallen.  Ook dat was een vorm van verwachten, gelukkig is dat allemaal goed afgelopen.

Morgen is mijn dochter uitgeteld, een echte verwachting als in “ in verwachting “.  Nog steeds geen appje of belletje dat het zover is.  Het hele leven is soms net een wachtkamer, en daar wachten we op onze afspraak.  Onze gemaakte afspraak, en achteraf is er dan het later.  Het later, waar wij soms hooggespannen verwachtingen van hadden.  En heel soms . . . ja heel soms.

Een totale misrekening

Ja, ik heb het geprobeerd.  Tegen het advies in van de deskundigen, toch er voor gaan.  En ja, ik heb de afgelopen nacht slecht geslapen, en ja ik had een spanning in mijn borst, en ja mijn hoofd heeft geen moment opgehouden met malen.  U ziet en leest ik ben een eigenwijze donder, vergeeft u mij tevens mijn ongewone taalgebruik.  Op dit moment ben ik de volledige controle kwijt over mijn leven, maar eerlijkheidshalve moet ik daaraan toevoegen dat dit voor alle aardbewoners geldt.  Het verschil zit hem er in, dat ik voor mijn gevoel nog een beetje kon aansturen op, maar ook dat was slechts een vals ingebeelde illusie.

Vanmorgen had ik mij er toe gedwongen weer naar mijn werk te gaan, het kostte mij ontzettend veel moeite maar ik had mijn zinnen daarop gezet.  De hele rit er naar toe heb ik geprobeerd, in het kader van mindfullness, mijn gedachten bij een ander ding te houden.  Tot zover mag ik spreken van een geslaagde dag, toen ik aankwam bij de hal werd ik dusdanig op de proef gesteld dat mijn mind in één keer full was van heel iets anders.  Hier wil ik niet op de details ingaan, maar geloof me het was nog erger dan ik in mijn pijnlijkste verbeelding vooraf had kunnen bedenken.  Doordat ik vaker bij andere bedrijven ben begonnen te werken, heb ik enige ervaring met iets wat je zou kunnen noemen als chaos.  Kortom, ik ben naar buiten gerend, in mijn auto gesprongen en zelfs, geheel tegen mijn vaste gewoonte in, de eerste paar meters zonder autogordel weggereden.  Mijn hoofd was volledig op hol geslagen en mijn hart, als ik dat zo mag noemen, bonkte als een op hol geslagen dieselmotor in mijn borstkas.

Het is mij nog nooit eerder overkomen dat ik zo heftig reageerde op een voor mij ongewenste situatie.  Tot voor een half jaar geleden zou ik gelachen hebben om dit soort zaken, mijn schouders opgetrokken hebben en er gewoon met hart en ziel voor gegaan zijn.  Ik kan mij verschikkelijk opwinden en kwaad maken dat dit me nu niet meer lukt, wat is er met mij aan de hand ?  Er is niks wat ik liever wil dan weer te mogen meedraaien in de maatschappij, wat doe ik verkeerd ?  Nog op de terugweg heb ik een afspraak gemaakt met de huisarts, afgelopen week hebben wij al even met elkaar gesproken.  En ja, hij was één van degenen die mij dringend adviseerde maar vooral kalm aan te doen.  En laat dat nou net mijn bedoeling vanmorgen zijn geweest.  Kalm aan geheel vrijblijvend een poging doen om weer in actie te komen.  Het is mij mislukt, ik kon niet voldoende energie waar dan ook vandaan halen om door te zetten.

Volgens mijn huisarts, zat die kans er in een behoorlijke kans zelfs.  Achteraf gezien een verkeerde inschatting van mij, maar hij voegde er wel aan toe dat ik nu het duidelijke bewijs heb gekregen dat ik er nog niet klaar voor ben.  Hoe lang gaat deze geschiedenis nog duren, het is natuurlijk geen geschiedenis aangezien het nog niet geschieden is.  Steeds zal ik blijven proberen mijn goede humeur niet te verliezen, helaas heb ik vanmorgen al twee keer met natte ogen zitten praten.  Wat ben ik nou voor een slapjanus, ik kon altijd de hele wereld aan.  Nooit zou er iemand komen die mij op andere gedachten zou kunnen brengen, als ik ergens in geloofde dan ging ik er voor.  Maar nu, nu voelt het zo zinloos.

Op de terugweg van de plaatselijke super, waar ik onze voorraad koffiebonen met twee zakken weer op het gewenste nivo heb gebracht ( ze waren deze week in de aanbieding ) kwam ik langs onze favoriete snackbar.  Mijn zeer gewaardeerde vriendin, en samen met haar man eigenaar, van deze excellente patatzaak was net bezig het terras weer in te richten.  Ik ben even gestopt om een praatje te maken, toen schoot ik zomaar ineens vol.  “ Het geeft niet “, zei Trijnie.  Op dat moment dacht ik daar anders over, ik kan haar alleen maar bedanken.  Zoals ik zoveel mensen persoonlijk zou willen bedanken.

Misschien dat ik soms een beetje tever ga in mijn schrijfseltjes, vergeef het deze ouwe lul.  Hij denkt en gelooft dat hij daar goed aan doet.  En geloof me maar, hij bedoeld het echt vanuit zijn hart persoonlijk ken ik hem een beetje, zo’n zesenvijftig jaar.  Bij volledig geestvermogen iets minder lang, maar dat lag dan weer aan hem.  Best grappig, over jezelf schrijven als in de derde persoon.  Zo bouw je toch een stukje afstand in.  Misschien zit het leven wel zo in elkaar, een kleine of desgewenst iets grotere, distantie in acht nemen.

Als je met je neus tegen de spiegel gedrukt staat, kun je slecht zien of je haar wel goed zit ( in het geval dat er gesproken kan worden over de aanwezigheid van enige haargroei op de schedel, voor mij dus ook hier geen reden om te kijken )  Afstand nemen, tijd nemen en de zaken tot rust laten komen.  Of zoals de huisarts vanmorgen zei, “ Wachten tot al het opgewaaide stof weer is teruggekeerd naar de bodem “.  Moet het natuurlijk niet meteen weer gaan stormen.

Hopende u hiermee weer voldoende te hebben bijgepraat, verblijf ik hoogachtend ( en met voor zover ik kan inschatten mijn volle verstand ) etc. etc. etc.

Als ik mocht wensen

Waar het hart vol van is . . . u weet vast hoe het gezegde verder gaat.  Datgene waar wij door geraakt worden of wat ons hele leven, of een groot deel daarvan, bezighoudt daar willen we vaak iets over laten weten aan anderen.  Zelf ben ik steeds weer onder de indruk van de teksten van Reinhard Mey.  Velen in mijn omgeving zijn daar al vaak aan herinnerd, hetzij doordat ik er wat van laat horen hetzij dat ik zinnen aanhaal uit zijn rake en meeslepende teksten.  Omdat ze mij echt aanspreken is het een logisch gevolg dat ik er soms iets van gebruik in een gesprek.

Zo is het ook met mijn wijze van geloven, ook daar wil ik vaak iets over meedelen.  Het is wel zo dat ik er niet te pas en te onpas mee te koop wil lopen.  Er moet wel een aanleiding zijn en het moet ook op een natuurlijke wijze van pas komen.  Anderen mijn mening of overtuiging opdringen, dat zij verre van mij.  Aan de andere kant wens ik iedereen een plekje in de hemel toe, vooral zij die mij dierbaar zijn, valt dat onder egoïsme ?  Voorgaande zinnen heb ik later aan dit stukje toegevoegd, eigenlijk was ik met het nu volgende begonnen.

Alsin mijn ogen zeer passende suppletie, aanvulling, in de uit negentientweeënzeventig stammende film “A thief in the night “ werd het indrukwekkende nummer “ I wish we ’d all been ready “ van de onovertroffen gospelzanger Larry Norman gebruikt.  Voor mij, en velen met mij, blijft hij de grondlegger van de gospelrock, heel wat anders dan wat men tot die tijd gewend was.

Een beetje wat Elvis betekende voor de popmuziek, ook niet passend in de verwachting van de voorgaande generatie.  Ongehoord voor die periode waarin te snelle veranderingen volgens de gevestigde orde niet echt met open armen werden ontvangen, net zoals Larry in de zijne.  “ Why should the devil have all the good music “, ook zo’n schitterend nummer en zeer terecht opgemerkt door meneer Norman.  Helaas veel te jong overleden, ik wil er in geloven dat zijn taak hier op aarde voltooid was.  En ik ben er haast wel van overtuigd, dat hij er ready voor was.  Zijn wij dat ook ?

Misschien een vraag die u als lezer van mijn steeds curieuze stukjes wat met de wenkbrauwen doet fronsen.  Iets waar mijn eigen dame bijzonder goed in is, vooral als ze net tegen het punt aan zit om te tonen dat ze het er helemaal niet mee eens is en het maar een klein stapje is naar het duidelijk maken daarvan.  Dan begint ze met haar wenkbrauwen te trekken, best een grappig gezicht.  Ook onze dochters zijn van deze vermakelijke, maar zeker niet te onderschatten eigenschap op de hoogte.  Tot zover het gegeven optrekken van wenkbrauwen.  Door met belangrijker zaken.  Zijn wij er dus klaar voor ?  Heus, ik meen oprecht wat ik vraag.  Zo schijnbaar gemakkelijk vliegen we door het leven.  Misschien ook wel terecht, we kunnen niet bij alles denken over wat er na dit leven gebeurt.  En toch geloof ik dat het goed is om er een keer aandacht aan te besteden.  In elk geval om er zelf eens bewust mee bezig te zijn.

Mijn overtuiging is dat iedereen vrij is in de wijze hoe de tijd hier gebruikt wordt.  Dan wel wat mij betreft in elk geval zonder een ander daarmee tekort te doen, dus hoe dan ook met respect.  Toch zie ik het als een onderdeel van mijn taak om het er een keer over te hebben, vergeef het mij als het verkeerd overkomt.  Beschouw het als een goed bedoelde uiting van iemand die het soms ook niet allemaal begrijpt, maar er wel in gelooft.  We willen allemaal graag een goed en gezond leven, alleen wat er daarna dan komt daar verschillen we vaak van mening over.  Het zou natuurlijk ook zo bedoeld kunnen zijn, maar dat is iets wat een ieder voor zichzelf mag geloven.  Dat zouden we ook als positief moeten bestempelen, we hebben allemaal de vrijheid om daarvan te vinden wat we vinden willen.

En toch kan ik ergens ook wel begrip opbrengen voor zij die het niet willen geloven.  Het blijft voor velen ook een ongrijpbaar iets, en hoe er soms met het geloof wordt omgesprongen werkt ook niet altijd mede ten goede.  Aan iemand die nog nooit de smaak van een banaan heeft geproefd, valt het ook op geen enkele wijze duidelijk te maken wat de smaak nu werkelijk inhoudt.  Probeer dat maar eens over te brengen.  We kunnen ze hooguit laten zien hoe er genoten kan worden van een banaan.  Eenvoudigweg door te vertellen en te laten zien dat zo’n in een geel jasje, zij het soms met zwarte vlekken, gestoken boomvrucht een gastronomische beleving kan zijn.  Bovenstaande geldt natuurlijk enkel in het geval je gek op bananen bent, maar dat lijkt mij in dit kader voor de hand liggend.

Iemand die geraakt is door de Hemelse interventie of op minder opzienbarende wijze er mee in aanraking is gekomen of misschien altijd al van wist, die weet hoe het voelt.  En ik denk dat het geen enkele zin heeft een ander iets te willen opdringen als die ander totaal niet voelt wat het is.  Een voorbeeld zijn is alles wat we mogelijk kunnen doen, en dan zoals het ons ruim tweeduizend jaar geleden is voorgedaan.  Ja ik geloof er in en wens uit de grond van mijn hart, dat wij er allemaal klaar voor zouden zijn.  Dat is alles wat ik hierover kan schrijven, en eens zal blijken wie het bij het juiste eind heeft.

Eens . . . als een dief in de nacht.  Dan, wanneer alles goed komt.  Of niet.

Het is goed zo

In de tijd dat mijn geliefde zwanger was van onze eerste dochter, we hebben er zoals velen weten twee, heb ik de babykamer gemaakt.  De ingebouwde commode, de onder het schuine dak geassembleerde wandkast met deurtjes, laatjes en open vakken en uiteraard het ledikantje.  Alles geheel volgens eigen ontwerp en kundigheid geconstrueerd in een combinatie van grenen en wit geschilderd MDF plaatwerk.  Volgens het toenmalige vroedvrouwtje, tevens de gemalin van de plaatselijke huisarts, was het geheel een zodanige samensmelting dat het door haar betiteld werd als het paradijs.  Het moge voor zichzelf spreken dat ik daar bijzonder trots op was.

In mijn achterhoofd speelde daarbij de gedachte dat zij, door haar jarenlange bezoekjes aan diverse kinderkamers, best wel kon terugvallen op een gedegen onderbouwde mening wat betreft het vinden van.  En dan bedoeld als het mooi vinden, wat uiteraard gepaard gaat met haar persoonlijke voorkeur.  Terwijl ik daar zo menig uurtje mij inspande om tot een evenwichtige compositie te komen, wat daarnaast ook ruim zou voldoen in functionaliteit, heb ik mij wel eens afgevraagd hoe ons leven zou worden met een eigen dochter.  Ik was met iets bezig, maar voor wie het werkelijk was ?

Het grappige was dat, door menige echo en diverse ziekenhuisbezoekjes, wij al op de hoogte waren dat het om een meisje was te doen.  Daar hadden wij het met niemand anders over gehad, was in onze ogen niet iets wat anderen hoefden te weten.  Sterker nog, zo af en toe maakten wij een opmerking die het vermoeden bevestigde dat het een knaapje zou worden.  Dat in combinatie met de blauwe kleur die de boventoon voerde op de in afwachting zijnde babykamer, had bij mijn schoonmoeder de volle overtuiging doen wortelen dat het om een nazaat van het mannelijke geslacht ging.  Haar verbazing bij de geboorte was dan ook van dien aard, dat wij in haar ogen door de medische begeleiding in het ziekenhuis op het verkeerde been waren gezet.  Immers we hadden geen roze inrichting, wat dan zou kunnen duiden op een bewust gemaakte keuze voor een dametje.

Ook nu gaat het me een beetje zo, nu gaat het niet meer om de geboorte van onze eigen dochter maar de dochter van onze dochter.  En met de huidige kunst van het maken van drie dimensionale echo’s, is er al best wel een goed beeld van haar gezicht, herkenbare trekjes die wij elke dag zien bij onze eigen dochters.  Maar misschien is dat ook wel in het kader van , “ De wens is de vader van de gedachte “.  Ze, mijn dochter en schoonzoon, hebben alles al klaar staan.  Tot het welbekende koffertje wat, in geval dat het nodig mocht zijn, mee gaat naar het ziekenhuis.  Een weekje nog, hooguit twee.  Maar het zou net zo goed kunnen zijn dat we straks een appje, of in het meer persoonlijke geval een telefoontje, dat het zover is.

Zo blijft het een spannende tijd, en daar heb ik eerlijk gezegd al meer dan voldoende van mogen beleven.  In dit geval is het wel een heel dubbel gevoel, het heeft niets met ernstige ziektes te maken ook niets met beslommeringen van depressieve aard.  Dit is een prachtig vooruitzicht, nu nog verhuld door een wazige blik, als verscholen achter een wapperend laken aan de waslijn in de achtertuin van mijn ouderlijk huis.  Je weet dat het er is, de echo’s en andere bijbehorende onderzoekjes hebben aangetoond dat alles goed is, maar ergens is er nog dat ongewetene.  Zo moet en wil ik naar de toekomst kijken, niet wetende wat maar wel dát het er aankomt.  Beter zelfs nog, het is er al.

De toekomst is nu, meteen vervluchtigd naar het verleden met als enig raakvlak het heden.  Als iemand zegt, hier is het nu, dan kan dat slechts duiden op wat geweest is.  Er is heel veel verleden, ook heel veel geleden maar dat is iets anders, er is maar heel weinig heden en over de toekomst valt nog het minst te vertellen.  Vertrouwen op, geloven in en gewoon er voor gaan.  Zoals bekend is er achteraf veel wat zo moest gaan, tenminste dat is hoe wij het dan, zij het bevooroordeeld, zien.  En voor de zaken die te pijnlijk zijn om ons verder in ons leven te vergezellen, is er een schitterende overlevingsstrategie ingebouwd.

Naarmate we ouder worden, vergroten we de indrukken van de mooie belevenissen en de onaangename of slechte tijden die worden, als door een warm getinte bril, ontdaan van hun scherpe en pijnlijke kanten.  Herinneringen zijn altijd subjectief, het zijn geen wetenschappelijk onderbouwde gegevens.  Niet als bij een dagboek dat, indien naar eerlijkheid gevormd, precies verteld van het hoe en wat.

Het menselijk geheugen is minder doelgericht, het past zich in de loop van ons ouder worden aan.  Dus het geeft niet als je soms iets doet waar je later spijt van krijgt, zolang je bewuste keuzes maar de overhand hebben.  Leef vandaag, denk aan morgen en respecteer het verleden.  Welk verleden dat ook is, het werkelijke of het door slijtage en beschadigingen als beschermend gevormde.

Het blijft wat het was, of zoals je nu voelt dat het was.  En dat is goed, gewoon goed.

Herfst boven alles

Altijd ben ik een man van mijn woord geweest, maar daarnaast ben ik ook altijd een man geweest die achteraf er nog eens goed over nadenkt.  Is het dan zo dat dit onder de noemer, onbetrouwbaar valt ?  Nee, daar geloof ik niet in.  Meningen hoeven niet altijd gelijk te blijven, opvattingen kunnen als door een soort van evolutionair gebeuren aangepast worden.  Ergens van overtuigd zijn betekent niet dat je er bij moet blijven, soms komen er andere zaken aan het licht waardoor je inziet dat je heel misschien een ietwat bezijden de waarheid zat.  Geheel zonder opzet, laat ik daar duidelijk over zijn.

Nog maar kortgeleden had ik hier geschreven, dat ik het niet meer wilde hebben over datgene wat mij zo meedogenloos heeft geraakt.  Zowel geestelijk als lichamelijk en verder alle gevoelige plekken daar tussen in, jawel geloof me die zijn er al weten de meesten niet van dat bestaan af.  Weet u, nu het mooie weer zich zo af en toe van dichtbij laat zien reageert mijn innerlijke ik daar meer op dan ik gewend was.  Voor de veschillende weersinvloeden was mijn eigen zijn totaal niet van zijn stuk te brengen.  Anders uitgedrukt, ik liet mij niet beïnvloeden door mooi, minder mooi of zelfs slecht weer.  Wat ik wel vaak vervelend vond en nog steeds vind, zijn de weersvoorspellers eigenlijk niet meer dan weersverwachters.  Als er dan toch een ander weertype onze kant op kwam, dan hadden zij het anders verwacht.

Al een paar weken ben ik weer wat meer bezig met de toekomst.  En dan met name om weer heel kalm aan werk te gaan verrichten, zoals ik dat tot oktober vorig jaar normaliter gewend was te doen.  Alles geheel op vrijblijvende therapeutische basis, puur om uit te vinden waar de grenzen zich bevinden van mijn kunnen.  Voor een controlfreak die ik van nature altijd was, zijn dit bezigheden waar ik best wel moeite mee heb.  Al vele jaren ben ik mijn eigen gang gegaan.  Was ik ergens bij een werkgever er een beetje klaar mee, dan diende zich weer een nieuwe uitdaging aan.  Als bij een sprong in het diepe ging ik er dan weer voor, met hart en ziel. ( en een goedwerkende prostaat )

Zo langzamerhand begint er zich een beeld te vormen waar ik eerlijk gezegd nooit van was uitgegaan.  De toekomst ligt niet vast en is al helemaal niet als rooskleurig te betitelen.  Op zich is daar natuurlijk niks mis mee, een beetje uitdaging en een enkele verrassing geven het geheel een aanmerkelijk minder voorspelbaar cachet.  Dat is dan ook weer het leuke aan het zijn hier op deze aarde.  En we weten allen dat na zonneschijn er nu eenmaal, in de meest voorkomende gevallen, een regenbui komt.  En soms kan zo’n bui een paar dagen aanhouden, soms zelfs een hele zomer met veel nattigheid.

Mijn favoriete seizoen is nog altijd wat het al was sinds ik klein was, de herfst.  Simpel om de reden dat de herfst geen beloftes biedt.  In de winter hopen we op sneeuw en ijspret, een hele provincie zelfs op een vrij lange schaatstocht langs meerdere steden.  In het voorjaar hebben velen het liefst een constante opwaarts bewegende lijn voor wat betreft de temperatuur, met heel af en toe een voorjaarsbuitje.  Met de kleine kanttekening dat als hetzelfde buitje in de herfst viel, we zouden spreken van een najaarsbuitje.  Maar dat geheel als overbodige aanvulling op een toegepaste woordkeuze, die dus ook veelal tijdsbepalend is.

De zomer rekenen we op een dusdanig weertype, dat iedereen kan genieten.  En daar zit ook het dilemma, voor de zonaanbidders stralend zonnig en droog voor de agrariërs ook wat verkwikkende neerslag.  En voor de vliegeroplaters, kitesurfers en alle andere surfers graag een stevige woei die voldoende opstuwing teweeg brengt in zowel de lucht als het zeewater.  En om kort te zijn, al deze seizoenen staan bekend om hun teleurstellingen.  U kunt dat zelf naar believen inkleuren al naar gelang uw persoonlijke voorkeur.  Mijn geliefde seizoen stelt nooit teleur, net als de Vader in de hemel. Sterker nog, het is het meest standvastige seizoen.  Storm en regen, kou en warmte, afgebroken takken, omgewaaide bomen.  De winterkleding weer van zolder en vierkante wielen bij de treinen.

Vandaag ben ik naar mijn huisarts geweest voor een gesprek.  Al ruim twee weken liep ik met die gedachte rond, gewoon om even met iemand te praten die mij een beetje kent.  Het was een goed gesprek, hij is een zeer wijs man met een luisterend oor en een duidelijke mening.  Hij had zich de laatste keer dat wij spraken, zo’n twee maanden geleden, er al over verbaast dat ik zo positief in het leven stond.  Dat was niet passend voor iemand die heeft beleefd wat ik heb mogen ervaren.  Zoals mij al vaker door menig andere is duidelijk gemaakt, ik wil te snel.  Het gaat om het realiseren hoe mijn leven op zijn kop heeft gestaan.

Dat er littekens zijn, van buiten en van binnen, die maar heel langzaam en in het minst gunstige maar aannemelijke geval, nooit meer zullen helen.  Een beetje de herfst van mijn leven, de mooiste tijd dus.