Bokkenpootjes en een bonnetje

Zo’n anderhalf jaar lang heb ik in de vorige eeuw, heel lang geleden, bij een grote supermarkt part-time gewerkt. Dat was eind jaren zeventig. In die tijd lette de betreffende kruidenier nog niet op de kleintjes. Later dan wel, maar inmiddels hoor je ze er niet meer over. Ahaa, ik herinner mij nog dat de achtergrondmuziek die daar dagelijks in de winkel te horen was, door een soort bandrecorder geproduceerd werd. Tenminste daar gingen wij, de vakkenvullers, vanuit.
Waarom wij dat dachten ? Om de zoveel tijd kwamen dezelfde plaatjes langs. Eigenlijk wisten we al vrij snel welke nummers er gedraaid werden, en dat kon twee dingen betekenen. Dat je wist wanneer welk goed nummer langskwam. Ook hoeveel irritante plaatjes nog beluisterd moesten worden, voor dat nummer aan de beurt was.
Het werk was op zich vrij eenvoudig, als ik zo vrij mag zijn dat vast te stellen, maar er kwam wel enige handigheid bij te pas. Dat had het meest met de snelheid van het te verrichten werk te maken. Wij moesten ook nog prijzen in die tijd. Een stickertje met het aankoopbedrag aanbrengen.

Zo af en toe wat lef tonen, vooral die keer dat een hoog opgestapelde in krimpfolie verpakte pallet met uit diverse producten bestaande voor de kruideniersafdeling bestemde vakvulling, een beetje begon scheef te zakken. Nou ja beetje, als ik er niet met mijn volle gewicht, toen nog iets minder dan tweeënzestig kilo, tegenaan bleef staan duwen, een horizontale stapel. De afdelingschef, waar ik in de meeste gevallen best goed mee overweg kon, heeft mij later op het hart gedrukt dit nooit meer te doen.
Met andere woorden ik had de hele zaak omver moeten laten vallen. Vanaf het moment dat ik mijn lichaam, tegen de nog in dozen verpakte appelmoespotjes, diverse groentes in blik, danwel glas, potjes jam, augurkjes, pindakaas en welke ander broodbeleg ook, pakken suiker, zout en verder heel veel winkelvulling waarvan een groot gedeelte best wel als kwetsbaar te betitelen was, vanaf dat moment ging het niet meer om producten maar om mij. Met het grootste gemak was ik onderdeel geworden van de opgetaste hoeveelheid levensmiddelen. Met de nadruk op onder.

De tweede keer dat mijn leidinggevende mij berispend toesprak, was die keer dat ik op emballage stond, in die tijd werden de lege flessen nog ingeleverd aan een soort luikje, waar dan in ons geval diegene die ook straatje één beheerde, zich bevond. Dat was het eerste pad in de winkel en daar bevonden zich naast de diverse soorten koffie en thee, ook het uitgebreide assortiment koekjes. Hier kom ik straks nog op terug.
De flessen werden dan door de, zich in een lange rij verzamelde klanten, aangeboden. Deze werden dan op een achter het luikje bevindende kassa aangeslagen, waarop deze dan weer een bon uitspuugde. Die bij de kassa, waar later de ingeslagen goederen in het karretje konden worden afgerekend, ingewisseld worden dan wel in contant geld, als in de waarde die op de bon vermeld stond lager was dan de te betrekken boodschappen. Anderzijds als de te vereffenen rekening hoger was dan werd door de emballagebon het te betalen bedrag gereduceerd.

Nou ja, één keer was het wel een beetje aan de hoge kant, en ik geef toe dat een flessenbon met het totaalbedrag van een kleine achtienduizend gulden wat teveel van het goede was. Ik had hem derhalve ook niet aan een klant meegegeven, maar op de kassa teruggedraaid met een tegenbon. Die bon kreeg meneer Kuipers onder ogen. Mij werd duidelijk gemaakt, dat als dit nogmaals zou gebeuren, ik niet meer straatje één van producten hoefde te voorzien. Sterker nog, geen enkel straatje waar dan ook in de winkel. Ik mocht dan linea recta het pandje verlaten. Zover is het nooit gekomen. Ik heb goed mijn best gedaan.

Daar heb ik toen de wijze les voor de rest van mijn leven meegenomen, dat wat er ook om je heen gebeurt en hoeveel er ook op je staan te wachten of wat anderen ook van je gedrag vinden, blijf je eigen omgeving onder controle houden.
De enige waar ik, en nog enkele anderen van het toenmalig personeel, wat vreemd tegen aan keek, was Anton. Een zeer beminnelijk en alleraardigst medewerkertje van de grootgrutter. Beetje vreemd maar absoluut handtam en lief voor kinderen. Alleen niet voor domme vreemde vragende stellende klanten die informeerden waar de bokkenpootjes lagen. Die werden dan vriendelijk doorgestuurd naar de slagerijafdeling.
En toen er een nette wat oudere heer aan hem vroeg of in deze winkel ook kletsmajoortjes te verkrijgen waren, werd deze verbaasd kijkende man hartelijk door Anton uitgelachen. Kletsmajoortjes, kom op zeg, we zitten hier toch niet bij het leger.

3 gedachten over “Bokkenpootjes en een bonnetje

Voeg uw reactie toe

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: