Niet te ver voor uit

Is het gebruikelijk, zeg maar de normale gang in soortgelijke situaties, dat er een moment komt dat het genoeg is.  Dat het eigenlijk niet meer hoeft, zo is het mooi geweest.  Al meerdere keren ben ik operatief behandeld aan uiteenlopende onderdelen van mijn nu zo langzamerhand wel gehavende lichaam, tot de laatste keer niet echt ingrijpend gelukkig.  Ik bedoel dit niet als denigrerend naar mezelf toe, en al helemaal niet naar anderen die echt gebukt gaan onder het leven.  Zij die niet meer kunnen zien, of in een rolstoel, al dan niet elektrisch bediend, of zij die aan bed gekluisterd liggen.  Ook ga ik niet zover als al diegenen die met hulpmiddelen door het leven moeten, zoals bijvoorbeeld een stoma of elke dag een dozijn aan medicijnen.  Waarbij ze dan ook nog geneesmiddelen moeten slikken om de bijwerkingen van andere pillen tegen te gaan, zoiets als in je scootmobiel zittend op een autoambulance verplaatst worden.

Ja, ik weet dat er altijd mensen zijn die het erger hebben.  Zoals ik al eens eerder hier schreef, mijn vader heeft ons daar vroeger meermalen op attent gemaakt.  Maar mag ik nu toch even een beetje mijn hoofd laten hangen ?  Het zal nu ongeveer hetzelfde aantal weken zijn na de ingreep als dat het ervoor was, toen wij begonnen door te krijgen dat er iets goed fout zat met mijn lichaam.  Misschien dat ik me nu steeds meer ga realiseren hoe dat voelt, misschien zelfs wel had moeten voelen.  In één van de gesprekken in het ziekenhuis is dit ook wel genoemd, alleen ben ik dan zo van, “ Ach, dat zal vast niet zo’n vaart lopen “.  Wel dus, ik ben op een punt aangeland wat ik misschien wel het beste kan omschrijven met het leren fietsen.  Als een vader of desgewenst een moeder, ik ben niet zo vasthoudend aan het aloude rollenpatroon.  Als daar een eerste poging wordt ondernomen om hun jonge kroost te leren fietsen, dan gaat dat onder beschermende begeleiding.  Het fietsertje in spé zal daar vertrouwen in hebben, er kan niets gebeuren papa of mama is erbij.  Zo wordt er in een oplopend tempo door één van de ouders, desgewenst opvoeders om geen stiefkinderen te maken, steeds harder achter het fietsje aan gerend.

Dan komt er het moment dat ofwel de maximale topsnelheid van leidsman cq leidsvrouw danwel het vertrouwen in het kunnen van het peutertje, er losgelaten moet worden.  Ze kunnen het op eigen kracht.  Misschien hebben ze dat zelf nog niet direkt door en denken dat er nog steeds achter hen wordt aangerend.  Maar zodra ze ergens moeten afremmen en dat kenbaar proberen te maken aan diegene die zich, zodra ze in een verwoede poging achterom te kijken tot de ontdekking komen, niet meer in hun nabijheid bevindt, dan slaat de angst toe.  Ze beginnen te slingeren proberen te remmen door hun voetjes in contact te brengen met de zich snel onder hen verplaatsende grond, en in de meest gunstige gevallen blijven ze overeind.  In alle andere gevallen wordt er dus . . . jawel, gevallen.

Dit is hoe ik het gisteren, en ook vandaag nog wel een beetje, ervaarde.  Tot zover heb ik steeds het sterke gevoel gehad dat ik begeleid werd, en ik ben daar ook van overtuigt, waarom nu dan zo’n verlaten gevoel ?  Daar heb ik wat over na zitten denken, en toen moest ik onwillekeurig toch even weer denken aan Frits.  Hij heeft mij, nadat bij hem de ziekte terug was gekomen, eens verteld van het gevoel van nabijheid tijdens de zware perioden.  Toen in eerste instantie het beter leek te gaan ervoer hij dat de nabijheid verder weg leek.  Net als vaker dacht ik dat te begrijpen, dacht ik werkelijk dat ik het snapte.  En net als vaker moet ik ook nu weer toegeven dat ik dat niet kon.  Nu begin ik, net als zoveel andere gevoelens die ik dacht te kennen, zelf te ondervinden.  Zegt men niet, “ Door schade en schande wordt je wijzer “.

Als ik zo alles een beetje voor mezelf op een rijtje zet kan ik alleen maar tot de conclusie komen dat het voor het grootste deel aan mijzelf te wijten is.  Ik denk dat ik na die paar meter dat er achter mij aan werd gerend voor ondersteuning ik zelf al voldoende ervaring heb om op eigen kracht te kunnen fietsen.  Zelfs ben ik al bezig met het nemen van bochten en een gevaarlijke kruizing oversteken.  Ik ben al weer helemaal bezig met van alles wat er eventueel gebeuren gaat in mijn toekomstige leven.  Datzelfde leven wat nog maar een paar weken geleden op losse schroeven stond, waarvan ik helemaal niet wist of het er nog wel van zou komen.

Waar ik mij aan vast mag houden is het vertrouwen dat Hij het weet, ik moet alleen niet teveel vooruit willen kijken.  Wel met de toekomst bezig zijn, daar is niets mis mee, maar niet teveel denken dat ik het allemaal al weet en aankan.  Dat is voor later.  Hadden ze zoiets ook al niet gezegd in het ziekenhuis ?

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s